Sint Urbanusweg-Oude Venloseweg / Hogeweg / Veldenseweg / Straelseweg / Van der Grintenstraat / Karbindersstraat

Als uitgangspunt voor iedere welstandsbeoordeling gelden de redelijke eisen van welstand.

Welstandsniveau: 

regulier

Het welstandsniveau is hier regulier met uitzondering van het zuidelijk deel Urbanusweg en Straelseweg waar het niveau bijzonder is.

Het beleid is gericht op versterking van de herkenbaarheid van de structurerende wijkwegen en stadsinvalsweg. De Urbanusweg ten zuiden van de Karbinderstraat is behalve als centrumroute ook van belang voor het Maasfront. Het welstandsbeleid voor de Straelseweg ten zuiden van het Gelreplein is bovendien van cultuurhistorisch belang.

Voor kleine veelvoorkomende bouwwerken in reguliere welstandsgebieden zijn sneltoetscriteria opgesteld.

Gebiedskarakteristiek

Venlo-Noord heeft in de twintigste eeuw een omvangrijke ontwikkeling doorgemaakt. Oude landwegen en de planmatig aangelegde wegen zijn in de twintigste eeuw verstedelijkt en vormen nu de ruimtelijke dragers van de wijk. De ruimtelijke structuur van Venlo-Noord heeft van oudsher een sterke noord-zuid oriëntatie. Het grootste deel van Venlo-Noord is een woongebied. De zone langs de Maas heeft het karakter van een natuurgebied waarbij de Océ-campus is ingebed in een bosrijke omgeving.

De wijk is niet geleidelijk ‘van binnen naar buiten’ gegroeid. Door uitgeplaatste bedrijven, glastuinbouw en een ziekenhuis is een lappendeken van karakteristieken ontstaan. Dit gedifferentieerde beeld is bij de verschillende wijkwegen goed zichtbaar. Laanbeplanting bij deze wegen verzacht abrupte overgangen in de verschijningsvorm van de bebouwing.

Een aantal straten zijn centrumgericht en vertonen richting centrum een stedelijker beeld en veranderen van open in aaneengesloten bebouwing. Bovendien is door de toevoeging van bebouwing in latere tijden een gevarieerd straatbeeld ontstaan.

Structurerende radiaalwegen van dit type zijn:

  • Sint Urbanusweg: het beeld is een mix van bedrijfsbebouwing van Océ én burgerwoningen in een groene setting. De diverse bedrijfsgebouwen van Océ volgen de bouwtrends van de ontstaansperiode. De woonbebouwing bestaat overwegend uit villa’s van verschillende bouwperioden.
  • Straelseweg: de straat is een onderdeel van de oude kaarsrechte noordelijke invalsweg van Venlo (zgn. Napoleontische weg). De ontwikkeling van de diverse woonwijken heeft een gevarieerd beeld van de weg doen ontstaan. De Straelseweg ten noorden van het Gelreplein heeft het open karakter van de Wederopbouw (jaren vijftig/zestig) met appartementenblokken en rijenwoningen. Ten zuiden van het Gelreplein is sprake een stedelijk karakter met aaneengesloten bebouwing. De architectuur van de bebouwing kent allerlei stijlen en is een menging van bijzonder en eenvoudig.
  • Hogeweg: deze weg verbindt verscheidene woonbuurten met een zeer verschillend karakter. Het beeld wisselt van lintbebouwing tot een open verkaveling met maisonnettes. Doordat aanliggende woonbuurten in verschillende perioden zijn ontstaan is een ‘geblokte’ mix van bouwstijlen ontstaan.

Tussen de radiale hoofdwegen zijn een aantal belangrijke dwarsverbindingen ontstaan (tangenten). De verschijningsvorm bij deze wegen is eenduidiger doordat sprake was van een kortere ontwikkelingsperiode.

Structurerende wegen van dit type zijn:

  • Veldenseweg: bestaat uit grotendeels rijenwoningen in een sobere traditionele stijl. Een onderbreking van dit karakter vormt een buurtje met maisonnettes in een open setting.
  • Karbinderstraat: het straatbeeld wordt bepaald door gerenoveerde rijenwoningen in een sobere traditionele stijl. Op nog braakliggende terreinen vindt eigentijdse woningbouwplaats in een open en groene setting.
  • Van der Grintenstraat: verschijningsvorm wordt bepaald door bedrijfsbebouwing in een bosachtige omgeving. De bouwstijl volgt de trend van de ontstaansperiode.

Bronnen