Laaghuissingel / Groenveldsingel

Als uitgangspunt voor iedere welstandsbeoordeling gelden de redelijke eisen van welstand.

Welstandsniveau: 

regulier

Het beleid is gericht versterking van de herkenbaarheid en doorontwikkeling van deze structurerende wijkwegen.

Voor kleine veelvoorkomende bouwwerken in reguliere welstandsgebieden zijn sneltoetscriteria opgesteld.

Gebiedskarakteristiek

Het tracé van Laaghuissingel en Groenveldsingel was al voorzien in het Basisplan-Oost van de wederopbouwplannen. De weg had - en heeft dat deel nog steeds - een meerledige functie: wijkontsluitingsweg en alternatief tracé voor de drukke wegen rond het centrum. De weg is noord-zuid gericht (tangent) en vormt samen met de diverse oost-westwegen een gridpatroon dat een groot deel van Venlo-Oost structureert.

Het tracé is in twee fasen tot stand gekomen. De Laaghuissingel in de jaren zestig en de Groenveldsingel in de jaren tachtig van de vorige eeuw. De karakteristiek van de twee wegdelen is dan ook verschillend. Opvallend is dat beide wegen een gelijksoortig wegprofiel hebben: een brede groene straat met bomenrijen en gescheiden rijbanen.

De aanliggende woonwijken van de Laaghuissingel zijn Withuisveld, Rijnbeek, Vinckebosje en Wildveld. Deze wijken zijn in de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw gebouwd en vertonen een gelijksoortige architectuurbeeld uit die tijd. Het beeld aan de Laaghuissingel is echter erg wisselend doordat laagbouw en middelhoogbouw zijn gemengd en woningen worden afgewisseld met publieke gebouwen. Tevens ontstaat de laatste jaren eigentijdse nieuwbouw omdat verouderde gebouwen worden vervangen.

De woonwijk Groeneveld is gebouwd in de tachtiger jaren en is een groen woonmilieu met een hiërarchisch rechthoekig stratenpatroon en een menging van eengezins- rijenwoningen en appartementen. De Groenveldsingel met een breed groen profiel is de drager van de wijk en wordt begeleid met woonbebouwing in wisselende hoogten.

Bronnen